De gemeente Brasschaat stelde een bosbeheerplan op. Het gaat over ongeveer 2.000 ha bosgebied, hoofdzakelijk binnen de gemeenten Kapellen, Brasschaat en Schoten. Het doel is om met dit plan meer ruimte te scheppen voor recreatie en de biodiversiteit in het bos te vrijwaren. Bert De Somviele van de Vereniging voor Bos in Vlaanderen legt uit wat er gaat gebeuren.
“Bossen zijn ingewikkelde leefgemeenschappen, met een zeer hoge (bio)diversiteit. Wil je als eigenaar en/of beheerder van een bos dan ook de juiste keuzes maken om te komen tot duurzaam bosbeheer moet je op lange termijn en op onderbouwde wijze kunnen planten. Met een uitgebreid bosbeheerplan, dat over een periode van twintig jaar de doelstellingen en concrete maatregelen vastlegt, zet de beheerder alvast een flinke stap in de goede richting.”
Welke bosgebieden vallen onder het bosbeheerplan?
“Het beheerplan betreft maar liefst 14 afzonderlijke bosgebieden, waaronder het Mastenbos, het Paepenbos, de Uitlegger, de Inslag, het Peerdsbos, de bossen van het OCMW van Antwerpen, die van de gemeente Brasschaat en een aantal grote privé-bosdomeinen.”
Zijn er speciale aandachtspunten in het plan?
We trachten echt met alle belangrijke functies die een Vlaams bos vandaag de dag vervult, rekening te houden. Zo wordt er heel wat aandacht besteed aan het scheppen van mogelijkheden voor recreatie, zoals wandelen, lopen, fietsen en mountainbiken. Daarnaast hebben we ook oog voor duurzame houtproductie en biodiversiteit. Typisch voor deze bosgebieden is het voorkomen van een aantal “invasieve exoten”, dat zijn boom- en struiksoorten die niet van hier afkomstig zijn. Ze zijn hier indertijd zijn ingevoerd en deden het hier zo goed dat ze de inheemse boom- en struiksoorten verdringen. Hierdoor komen heel wat natuurwaarden in het gedrang. Er zal bij het uitvoeren van dit beheerplan dus werk gemaakt worden van de doelmatige bestrijding van deze opdringerige bezoekers, zoals de Amerikaanse vogelkers, en hier en daar ook de Rhododendron.”
Waren er knelpunten bij het opstellen ervan?
“Er zijn altijd wel een aantal knelpunten; tenslotte probeer je verschillende functies met elkaar te verzoenen, maar moet je vaak toch ook wat water in de wijn doen. Nu hebben we tijdens het ontwikkelen van dit plan wel heel erg veel werk gemaakt om ook de wensen en verzuchtingen van de gebruikers en belanghebbenden in rekening te brengen. Dat hebben we gedaan door geregeld samen te zitten met de beheerders van deze bossen, maar ook met de bevoegde diensten van de (lokale) overheden. Met infovergaderingen over bepaalde thema’s (de ecologie, de houtproductie, de recreatie) trachtten we de mensen zo goed mogelijk in te lichten over dit proces en ook hun inbreng te verzamelen. Soms zijn bepaalde wensen niet realistisch, en dan zeggen we dat ook. Maar heel vaak zijn bepaalde opmerkingen heel pertinent, en helpen ze ons om oplossingen te vinden voor bepaalde knelpunten.”
Gaat het plan zorgen voor tijdelijke hinder?
“Het plan op zich zorgt uiteraard niet voor hinder, maar de realisatie van de maatregelen die erin vervat liggen zullen bij tijd en wijle wel wat hinder veroorzaken. Dat is echter ook normaal bij elke vorm van bosbeheer. Zo moeten bijvoorbeeld afgestorven bomen omgezaagd worden en kunnen er wel eens vrachtwagens rijden om materiaal weg te brengen. We blijven op veel plaatsen ook een rol voorzien voor duurzame houtproductie. Wij allen gebruiken immers dagdagelijks hout en papier, en deze prachtige en duurzame grondstof moet natuurlijk ergens vandaag komen, ook uit onze eigen bossen. De beheerders engageren zich echter wel om elke hindertijdig te melden en nadien zo snel en zo goed mogelijk te herstellen.”
Xander Quadens
Plantijn Hogeschool
